Methodiek cliëntennetwerken

Eenzaamheid en sociaal isolement is een verborgen probleem. Tegelijkertijd weet iedereen dat het bestaan. De begeleiding van cliënten is er mede op gericht deelname aan de samenleving te bevorderen. Dat vereist dat cliënten uit hun sociale isolement komen en meedoen. Cliënten willen dat ook wel maar niet iedereen weet hoe. De ondersteuning die ze daarin zouden moeten krijgen volstaat of voldoet niet. Er zijn ook cliënten die hier weinig last van hebben. Ze weten goed om te gaan met de belemmeringen die samenhangen met hun beperking. Het LSR heeft daarom het initiatief genomen tot een onorthodoxe benadering van het vraagstuk van sociaal isolement en eenzaamheid van cliënten. De afgelopen jaren hebben LSR, Dichterbij en Syndion, partners in het project cliëntennetwerken, een methodiek ontwikkeld om cliëntennetwerken te stimuleren. Hiermee is de basis gelegd voor een aanpak van eenzaamheid en sociaal isolement.

Cliëntennetwerken wat is het?

Er zijn cliënten die het goed lukt maatschappelijk actief te zijn. Zij hebben veel vrienden en beschikken over een goed sociaal netwerk. Wat als die cliënten andere cliënten bijstaan? Hen laten zien hoe zij het aanpakken en samen met cliënten die daar behoefte aan hebben activiteiten ondernemen? Hen helpen een sociaal netwerk op te bouwen. Een goed idee. Maar wat moeten deze ervaren netwerkers kunnen om anderen te helpen? En wat is de rol van de begeleiders?

De methodiek cliëntennetwerken bouwt voort op wat als vanzelfsprekend en op veel plaatsen in de gehandicaptenzorg als basis van de begeleiding wordt gezien: de competenties van cliënten benutten en ontwikkelen, de regie van cliënten vergroten, de cliënt krachtig en weerbaar maken en ontdekken wat cliënten wél kunnen.

De cliënt die in een sociaal isolement zit
Eenzaamheid, er niet bij te horen, het zijn gevoelens waarmee veel cliënten te maken hebben. Eenzaamheid kan samenhangen met de aard van de beperking van een cliënt. Veel cliënten in woonvoorzieningen verkeren in een sociaal isolement en gaan hieronder gebukt. De begeleiding van cliënten is er mede op gericht deelname aan de samenleving te bevorderen. Cliënten willen wel meedoen maar weten vaak niet hoe.

De netwerker
Cliënten die wel ervaring hebben in het maken en onderhouden van netwerken kunnen als netwerker iets betekenen voor anderen die meer moeite hebben contacten te leggen, drempels over te gaan en initiatieven te nemen. Ze kunnen een rol krijgen in de begeleiding van die cliënten. In de praktijk betekent dat samen dingen doen. De ervaren cliënt neemt daarbij het voortouw vanuit de behoeften van de andere cliënt die volgt en leert.

Samen optrekken
Alle deelnemers in een netwerk zijn van belang. Allen plukken de vruchten van samenwerking. Zo ook bij cliëntennetwerken: Voor beiden kan de ontmoeting en samenwerking gunstige effecten hebben. De ervaren cliënt, de netwerker, kan zijn talenten ontplooien. Hij kan voldoening halen uit het feit dat hij een medecliënt helpt. Hij kan in zijn rol groeien, en daar voldoening uit halen. Voor de cliënt die ondersteuning krijgt is er ook een directe opbrengst: hij neemt deel aan activiteiten die eerst onbereikbaar waren; hij bevredigt een eenvoudige behoeften, namelijk die van het hebben van sociaal contact.

De rol van de begeleider
Cliënten ondersteunen elkaar. Een cliënt neemt een deel van de directe begeleiding over van de professionele begeleider; voor een andere cliënt verloopt de begeleiding op dit onderdeel participatie indirect en op afstand. Daarbij kan de begeleider geconfronteerd worden met de vrees dat wellicht de competentie van begeleiders wordt uitgehold, dat er misschien banen op de tocht komen te staan. Ook leidt het tot vragen over de betekenis van professionaliteit. Wordt hun beroep niet uitgehold als cliënten gaan fungeren als een soort begeleider? Die vrees is niet terecht - tenminste niet op basis van de vereisten van deze methodiek cliëntennetwerken waar de begeleider een duidelijke rol heeft.

Cliëntennetwerken in de instelling
De zorgorganisatie is erop gericht een goede kwaliteit van de zorg voor de cliënt te leveren. Cliëntennetwerken dragen bij aan de kwaliteit van bestaan. De methodiek is nadrukkelijk niet bedoeld als besparingsmaatregel. Het is dan ook geen doel om met het werken met cliëntennetwerken de dagelijkse rol van begeleiders overbodig te maken. De methodiek is een aanvulling op het werk van de begeleider, ze legt andere accenten en vergt een verandering van werken. Dit betekent een andere manier van begeleiden. De begeleiders moeten de kans krijgen zich de methodiek eigen te maken.

Stappenplan methodiek cliëntennetwerken

Er is veel kennis bij begeleiders van problemen van eenzaamheid en sociaal isolement. De ruimte om hier wat aan te doen is er. De huidige inspanningen zijn echter onvoldoende, als je de vele signalen van cliënten mag geloven. Daarom is het goed te zoeken naar andere mogelijkheden. Cliëntennetwerken kan een aanvullende manier zijn om cliënten te begeleiden en maatschappelijk te laten participeren.

Hieronder staan de stappen die in de methodiek cliëntennetwerken kunnen worden gezet. Deze methodiek cliëntennetwerken is een aanvulling op bestaande methodieken van begeleiding en ondersteuning. Ze is gericht is op versterking van het sociale netwerk van de cliënt. Of anders geformuleerd: de stappen waar hier sprake van is zijn een manier om bestaande onderdelen van het vak van begeleider met een iets ander doel dan gebruikelijk is in te zetten en aan te vullen met enkele inzichten en accenten die misschien nieuw zijn.

De fasen van het proces niet altijd scherp van elkaar zijn te onderscheiden. Ter verduidelijking van enkele onderdelen geven we ook enige voorbeelden uit de pilot die LSR, Dichterbij en Syndion onlangs hebben gehouden.

Ten slotte

De methodiek cliëntennetwerken is niet per se een goedkope oplossing voor bestaande problemen van instellingen die hun positie in het veranderende zorglandschap willen behouden. Een project op basis van het idee van cliëntennetwerken zal bijvoorbeeld niet snel leiden tot een kostenreductie. Dat moet ook niet het doel zijn. Werken met de methodiek vraagt in sommige gevallen om een intensivering van de aandacht van begeleiders, om het leren toepassen van nieuwe vaardigheden en kan daarmee arbeidsintensief zijn. Maar cliënten een rol geven in de begeleiding kan een interessante aanvulling zijn. Zo’n verschuiving van het perspectief stimuleert een frisse blik op de vraag wat bijdraagt aan het geluk van mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking die afhankelijk zijn van zorg. Het blijft nodig zowel de netwerkers als degenen die behoefte hebben aan een uitbreiding van het netwerk intensief te begeleiden.

De pilot heeft laten zien dat cliëntennetwerken opzetten door netwerkers te laten werken met een vrijwilligerscontract geen sterk idee is. Een al te grote mate van verantwoordelijkheid bij de netwerkers leggen om hun activiteiten in het kader van de Wmo te kunnen plaatsen lijkt evenmin een goed idee. De les is dat het beter is te werken met een idee van vrijwilligheid. Een al te formele aanpak legt druk bij cliënten en verdraagt zich niet goed met de kernwaarden van de aanpak: spontaan handelen, gemotiveerd zijn om medecliënten te ondersteunen, onbaatzuchtigheid, betrokkenheid van personen op elkaar, het informele en niet-verplichtende karakter van cliëntennetwerken.

Er blijven vragen die moeten worden beantwoord. Het is niet altijd eenvoudig te komen tot een koppeling van cliënten aan elkaar. Maar hoe is het om als begeleider een ontkoppeling te maken? Hoe kun je teleurstellingen voorkomen? Hoe kun je een proces begeleiden waarin ongelijke verwachtingen tot spanningen leiden? Wat is precies de maatvoering in het begeleiding op afstand? De methodiek cliëntennetwerken is in ontwikkeling. Het vinden van antwoorden op deze en andere soms lastige vragen is wat zorgprofessionals een uitdaging noemen.

Methodiek plaatje